Parasjat Inspiratie – Korach

כָּל־פֶּ֣טֶר רֶ֠חֶם לְכָל־בָּשָׂ֞ר אֲשֶׁר־יַקְרִ֧יבוּ לַֽיהֹוָ֛ה בָּֽאָדָ֥ם וּבַבְּהֵמָ֖ה יִֽהְיֶה־לָּ֑ךְ אַ֣ךְ | פָּדֹ֣ה תִפְדֶּ֗ה אֵ֚ת בְּכ֣וֹר הָֽאָדָ֔ם וְאֵ֛ת בְּכֽוֹר־הַבְּהֵמָ֥ה הַטְּמֵאָ֖ה תִּפְדֶּֽה: וּפְדוּיָו֙ מִבֶּן־חֹ֣דֶשׁ תִּפְדֶּ֔ה בְּעֶ֨רְכְּךָ֔ כֶּ֛סֶף חֲמֵ֥שֶׁת שְׁקָלִ֖ים בְּשֶׁ֣קֶל הַקֹּ֑דֶשׁ עֶשְׂרִ֥ים גֵּרָ֖ה הֽוּא: אַ֣ךְ בְּכֽוֹר־שׁ֡וֹר אֽוֹ־בְכ֨וֹר כֶּ֜שֶׂב אֽוֹ־בְכ֥וֹר עֵ֛ז לֹ֥א תִפְדֶּ֖ה קֹ֣דֶשׁ הֵ֑ם אֶת־דָּמָ֞ם תִּזְרֹ֤ק עַל־הַמִּזְבֵּ֨חַ֙ וְאֶת־חֶלְבָּ֣ם תַּקְטִ֔יר אִשֶּׁ֛ה לְרֵ֥יחַ נִיחֹ֖חַ לַֽיהֹוָֽה: וּבְשָׂרָ֖ם יִֽהְיֶה־לָּ֑ךְ כַּֽחֲזֵ֧ה הַתְּנוּפָ֛ה וּכְשׁ֥וֹק הַיָּמִ֖ין לְךָ֥ יִֽהְיֶֽה:

Alles wat de baarmoeder opent, van alle vlees dat zij de HEERE zullen aanbieden, onder de mensen en onder de dieren, zal voor u zijn. Alleen moet u de eerstgeborenen van de mensen zeker vrijkopen. Ook de eerstgeborenen van de onreine dieren moet u vrijkopen. Wat betreft de dieren die vrijgekocht worden, u moet die vanaf een maand oud vrijkopen, tegen een door u bepaalde waarde, voor het bedrag van vijf sikkel, gerekend volgens de sikkel van het heiligdom; die is twintig gera waard. Maar het eerstgeborene van een rund, of het eerstgeborene van een schaap, of het eerstgeborene van een geit mag u niet vrijkopen: ze zijn heilig. Hun bloed moet u op het altaar sprenkelen en hun vet moet u in rook laten opgaan, als een vuuroffer, als een aangename geur voor de HEERE. Hun vlees is voor u. Zowel het borststuk van het beweegoffer als de rechterachterbout is voor u.

– Numeri 18:15-18

In het Toragedeelte van deze week staat het verhaal van de opstand van Korach. Daarover is al veel geschreven. Na de afhandeling van de opstand geeft HaSjem de kahoena, het priesterschap, hun deel. De kahoena krijgt alle teroema van HaSjem als voedsel. Dus ook de bikoeriem; de eerstelingen. Dit zijn niet alleen de eerstelingen van granen en vruchtbomen, maar ook de eerstgeborenen van de dieren.

Deze verzen zijn wat verwarrend.

Op het eerste zicht lijkt Numeri 18:15 over álle levende wezens te gaan. Maar als we het vers beter bestuderen, merken we dat het gebod begrensd is. אֲשֶׁר־יַקְרִ֧יבוּ לַֽיהֹוָ֛ה is vertaald als ‘dat zij de HEERE zullen aanbieden’ en leert ons dat de enige eerstgeboren dieren waarover het hier gaat, de dieren zijn die geschikt zijn om als offer naar de Tempel gebracht te worden. De regels van de eerstgeborenen gelden dus niet voor alle dieren; alleen voor offerdieren.

De mitswa bepaalt verder dat de eerstgeborenen van de mensen vrijgekocht moeten worden. De mannelijke eerstgeborenen uit elk gezin worden dus financieel vrijgekocht van de kahoena. De kost van deze lossing is 5 sikkel. Tot nog toe is alles duidelijk. Maar dan staat er in het vers dat de eerstgeborenen van de onreine dieren vrijgekocht moeten worden. Zijn offerdieren niet per definitie rein? Hoe kunnen er dan onreine offerdieren zijn? De Sifree [סִפְרֵי] verduidelijkt dit. Offerdieren die onvolmaaktheden hebben, zijn niet geschikt om te offeren. Die worden beschouwd als onrein om te offeren. De Tora legt uit dat, aangezien deze onvolmaakte offerdieren niet gebruikt kunnen worden in de Tempel, ze voor 5 sikkel vrijgekocht moeten worden. Net zoals de eerstgeboren zonen voor 5 sikkel vrijgekocht moeten worden.

Eerstgeboren offerdieren die geen onvolmaaktheden hebben, mogen niet vrijgekocht worden; ze moeten voor de offers gebruikt worden. Omdat ze geen onvolmaaktheden hebben, kunnen en worden ze gebruikt. Ze hoeven dus niet gelost te worden. De gewone stukken van deze offerdieren worden aan de kahoena gegeven om te eten. Dit is bijvoorbeeld het borststuk – dat bewogen wordt – en de rechterachterbout.

We kunnen een interessante rèmèz, allegorie, uit deze verzen halen: De vlekkeloze eerstgeborene die geschikt is om te offeren. De Tora gebiedt dat deze dieren geofferd moeten worden. Het zijn de onvolmaakte offerdieren die vrijgekocht moeten worden en die niet als offer gebruikt mogen worden. Zo is Messias Jesjoea de volmaakte Tsadiek Die als offer wordt gebracht. Wij, de onvolmaakten, moeten gelost worden. Wij zijn waarlijk vrijgekocht door Zijn offer en door ons geloof.

Sjabbat sjalom.

GEEF JE OP VOOR ONZE NIEUWSBRIEF!

Ontvang onze wekelijkse studies en leer Tora!

Rabbi Steven Bernstein

Steve was born on Lag B’Omer in Ann Arbor, MI but was raised in Gainesville, FL. The son of two University of Florida professors, he excelled in the sciences in school. In addition to his normal academic studies, he pursued his Jewish education studying with many Rabbis and professors of Judaic Studies from the University including visiting Rabbis such as Abraham Joshua Heschel and Shlomo Carlebach.