Parasjat Inspiratie – Misjpatim

וַיִּקַּח֙ סֵ֣פֶר הַבְּרִ֔ית וַיִּקְרָ֖א בְּאָזְנֵ֣י הָעָ֑ם וַיֹּ֣אמְר֔וּ כֹּ֛ל אֲשֶׁר־דִּבֶּ֥ר יְהֹוָ֖ה נַֽעֲשֶׂ֥ה וְנִשְׁמָֽע:

Hij nam het boek van het verbond en las dit ten aanhoren van het volk voor. En zij zeiden: Alles wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen en Hem gehoorzamen.

– Exodus 24:7

Het Toragedeelte van deze week bevat één van de meest cruciale uitspraken uit de hele Tora; namelijk: na’asè wenisjma – wij zullen doen en wij zullen horen (gehoorzamen). De kinderen van Israël zeiden dit nadat Mozes het boek van het verbond had voorgelezen. Mozes las het boek en zij antwoordden: wij zullen doen en wij zullen horen.

Wat is dit boek van het verbond dat voorgelezen werd? Het is duidelijk dat Mozes de Tora bedoelt. Alleen was het niet de volledige Tora. Vele gebeurtenissen die in de Tora staan, moesten nog plaatsvinden. Het kan dus niet dat hij de hele Tora voorlas. Wat wordt er dan bedoeld met het boek van het verbond?

Vele geboden werden in Massa gegeven. Drieënvijftig daarvan staan in het Toragedeelte van deze week. Maar vele andere geboden werden reeds gegeven voordat we de Tora bij de Sinaï ontvingen. Het gebod voor Sjabbat, tefilien (gebedsriemen) en de besnijdenis werden voor het Sinaï-gebeuren gegeven. Al deze geboden kwamen aan bod toen Mozes het boek van het verbond voorlas. De kinderen van Israël hoorden wat voorgelezen werd en antwoordden: we zullen doen en wij zullen horen. We zeiden niet: we zullen horen en we zullen doen. We zeiden: we zullen doen en we zullen horen. Dit is een basisprincipe in het Joodse denken. Van HaSjem houden betekent dat je doet wat Hij vraagt. Misschien begrijp je het gebod niet of begrijp je het verbond niet, maar je volgt Zijn geboden.

Als we de geboden volgen, gaan we ze beter begrijpen. Misschien snappen we ze niet meteen, maar door ze te doen, krijgen we meer inzicht. Het is noodzakelijk om de geboden te doen, of we ze nu begrijpen of niet.

Het doen van de geboden is tweeledig. In de eerste plaats moet het gebod op een juiste manier gedaan worden door het volk Israël. Om het gebod geldig te laten zijn, moet heel Israël het doen. Als het gebod niet door heel Israël gedaan wordt, is dat gebod ongeldig. Dat heet pasoel; wat gedaan wordt is ongeldig. Ten tweede moet het gebod uitgevoerd worden met de juiste hartsgesteldheid. Als het gebod niet met een juist hart uitgevoerd wordt, dan wordt het ook pigoel; ongeldig. Er is een verschil tussen deze twee woorden in het Hebreeuws. Pasoel is iets dat ongeldig is door het op een verkeerde manier te doen, pigoel is iets dat ongeldig is door het met een verkeerde instelling te doen.

Het is niet nodig dat we het gebod begrijpen om het te doen. Het begrijpen ervan komt juist door het doen van de mitswot en door het studeren. Hoeveel we van de mitsvot begrijpen, is voor iedereen verschillend. Een klein kind zal misschien minder begrijpen en een oudere wijze begrijpt misschien meer. Maar dit begrijpen verandert niets aan het doen van de geboden. Zolang wat je doet niet pasoel of pigoel is, is het geldig. Het is niet nodig om een Toraleraar te zijn om de mitswot na te leven. Mensen die niet zo goed kunnen leren, kunnen de mitsvot net zo volledig naleven als een wijze. Het is altijd goed om ernaar te streven om de mitswot te begrijpen, maar het begrijpen ervan is geen vereiste om ze te doen. We zullen doen en we zullen horen.

Sjabbat sjalom.

GEEF JE OP VOOR ONZE NIEUWSBRIEF!

Ontvang onze wekelijkse studies en leer Tora!

Rabbi Steven Bernstein

Steve was born on Lag B’Omer in Ann Arbor, MI but was raised in Gainesville, FL. The son of two University of Florida professors, he excelled in the sciences in school. In addition to his normal academic studies, he pursued his Jewish education studying with many Rabbis and professors of Judaic Studies from the University including visiting Rabbis such as Abraham Joshua Heschel and Shlomo Carlebach.